Beleggingshypotheek: de risico's in kaart gebracht
Kies je voor een beleggingshypotheek, dan kies je voor het nemen van een risico. Het risico, we noemen het ook wel 'kans', dat je bij het einde van de looptijd van je hypotheek méér hebt gespaard dan de hoogte van je hypotheekschuld. Of het risico dat je op dat moment minder hebt gespaard dan nodig is om je schuld af te lossen.
Dit risico is van tevoren niet in te calculeren, je bent immers afhankelijk van de aandelenmarkt. En die kan rare dingen doen, zoals we in het verleden meermalen hebben meegemaakt. Het is daarom belangrijk je goed bewust te zijn van het risico dat je neemt. En van de consequenties.
Vandaar dat dit dossier gevolgen beleggingshypotheek je een voorbeeld laat zien hoe een beleggingshypotheek uit kan pakken. Zodat je weet wat de eventuele consequenties zijn, vóórdat je je keuze maakt. Er is immers geen betere keuze dan een goed geïnformeerde keuze.
Maaike en Peter
Maaike en Peter zijn starters op de woningmarkt. Tezamen hebben zij een inkomen van € 49.200,-. Voor hun nieuwe woning sluiten ze een beleggingshypotheek af van € 170.000,-. Hun spaargeld gebruiken ze voor de verhuizing en de inrichting van hun nieuwe huis. De hypotheekrente bedraagt 6 procent en ze kiezen voor een rentevastperiode van tien jaar.
Iedere maand storten Maaike en Peter een bedrag in een gespreid aandelenfonds. Het doel is om met het beleggingsrendement, na de looptijd van 30 jaar, de hypotheekschuld in één keer volledig af te lossen. Voor de bepaling van de hoogte van de maandelijkse storting heeft hun geldverstrekker gerekend met een rekenrendement van 8 procent. Hij brengt jaarlijks 1,25 procent kosten in rekening. Hoe groot is de kans dat Maaike en Peter na 30 jaar hun doelkapitaal - € 170.000,- - niet halen?
De Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft op basis van dit voorbeeld uitgebreide berekeningen uitgevoerd, uitgaande van verschillende scenario's. De uitkomst? Rekening houdend met het rendement en de kosten dienen Maaike en Peter € 120,- per maand in het aandelenfonds te storten (dit is dus níet hun maandelijkse woonlast; de rente over de hypotheekschuld dient hier nog bij opgeteld te worden!).
De kans dat Maaike en Peter het doelkapitaal na 30 jaar niet halen is maar liefst 55 procent (zie onderstaande tabel, waarin bij verschillende rekenrendementen de maandelijkse storting en de kans dat het doelkapitaal na 30 jaar niet wordt gehaald gegeven worden).
|
rekenrendement geldverstrekker |
4% |
6% |
8% |
|
maandelijkse storting |
€ 247 |
€ 174 |
€ 120 |
|
kans dat het doelkapitaal niet wordt gehaald |
14% |
33% |
55% |
De tabel laat duidelijk zien dat hoe hoger het rekenrendement, hoe lager de benodigde maandelijkse storting. Maar ook hoe groter de kans dat het doelkapitaal niet wordt gehaald en er dus een restschuld overblijft.
Andersom kunnen Maaike en Peter ook kiezen voor een hogere maandelijkse storting: hoe hoger die storting, hoe lager de kans dat ze het doelkapitaal niet halen. Bij een rekenrendement van 4 procent is de maandelijkse storting twee keer zo hoog, maar de kans dat ze het doelkapitaal niet halen bijna vier keer zo klein.
Maar hoe groot is het mogelijke tekort waar Maaike en Peter mee te maken krijgen?
| werkelijk rendement | ca. 3,4%* | 6,75% | 7,25% | 7,75% | 8,25% | 8,75% |
| rekenrendement 6% | -€ 62.600 | -€ 22.000 | € 40.300 | € 60.600 | € 83.100 | € 112.300 |
| rekenrendement 8% | -€ 95.800 | -€ 37.400 | -€ 24.700 | -€ 10.700 | € 4.800 | € 25.00 |
|
* pessimistisch scenario: het maximale tekort waar Maaike en Peter mee blijven zitten met 90 procent zekerheid (de kans is dus 10 procent dat het tekort nog groter is dan aangegeven) |
||||||
Verkoop
Stel nu dat Maaike een fantastische baan in het buitenland krijgt aangeboden. Ze besluit op het aanbod in te gaan, waardoor zij en Peter naar het buitenland moeten verhuizen. Ze verkopen hun huis en beëindigen de hypotheek. Deze heeft alles bij elkaar vijf jaar gelopen. Gedurende die periode hebben ze de onderstaande waarde opgebouwd, wederom aangegeven bij verschillende scenario's.
| rendement | gestort | ca. -2,8%* | 6,75% | 7,25% | 7,75% | 8,25% | 8,75% | |
| progn. 6% | € 10.400 | € 9.700 | € 12.330 | € 12.480 | € 12.640 | € 12.790 | € 12.960 | |
| progn. 8% | € 7.200 | € 6.700 | € 8.520 | € 8.620 | € 8.730 | € 8.840 | € 8.950 | |
| * pessimistisch scenario: het minimale bedrag dat Maaike en Peter in vijf jaar hebben opgebouwd met 90 procent zekerheid (de kans is dus 10 procent dat het opgebouwde bedrag nog lager is dan aangegeven) | ||||||||
Uit de tabel blijkt dat, als Maaike en Peter gedurende de vijfjarige looptijd van hun hypotheek geconfronteerd werden met een slechte economische markt (een situatie die helemaal niet ondenkbeeldig is), ze zelfs te maken krijgen met een negatief verschil tussen wat ze gestort hebben en wat dat bedrag nu waard is. Ze hebben dan immers € 7.200,- gestort en maar € 6.700,- opgebouwd, een negatief verschil van € 500,-.
Overigens is het bedrag dat Maaike en Peter na beëindiging van de hypotheek uiteindelijk in handen krijgen niet alleen afhankelijk van het beleggingsresultaat. Factoren als afsluitprovisie of een boeteclausule bij voortijdige afkoop kunnen ervoor zorgen dat het resultaat van Maaike en Peter nog beduidend lager is dan aangegeven in bovenstaande tabel.
(bron: Autoriteit Financiële Markten, Rapport Beleggingshypotheek en Risico)
Top 5 gelezen
-
Voorlopig koopcontract
Wanneer je onderhandeld hebt met de verkopende partij en het eens bent geworden over de prijs, de on...
-
Is de vraagprijs voor die koopwoning reëel?
Je hebt je droomhuis gevonden! Dan breekt er een spannende periode aan. Want dan kan het onderhan...
-
Ontbindende voorwaarden
In een voorlopig koopcontract kun je enkele ontbindende voorwaarden laten opnemen. Belangrijk, wa...
-
Stappenplan huis kopen
Een nieuw huis kopen doe je niet iedere dag. Oriënteren, voorbereiden, zoeken, peentjes zwete...
-
Politieke standpunten rondom de hypotheekrenteaftrek
De hypotheekrenteaftrek mag in de Nederlandse politiek met recht een 'heilig huisje' genoe...
© 2010 HUISPLAN - Alle rechten voorbehouden












